Mnemotechniek: feiten onthouden (wat) of werkwijzen (hoe)

MnemoteknikkMnemotechniek is een verzamelnaam voor methodes die je helpen om dingen makkelijker te onthouden. Denk aan namen, data, boodschappenlijstjes, stukjes tekst …

Het uitgangspunt is:

Data met weinig of geen structuur, of met een structuur die te complex is, onthoud je makkelijker als je ze koppelt aan een structuur die je al kent.

Een voorbeeld: moet je deze reeks letters onthouden: AUGEBAVERCAPRINDESSINE, dan lijkt dat willekeurig. Herken je er vier Franse woorden in: auge – baver – caprin – dessine, dan is het al eenvoudiger. Merk ook op dat het eerste woord 4 letters heeft, het tweede 5, enzovoort, en dat het eerste woord met A begint, het tweede met B, enzovoort. Ken je de betekenis, dan maak je het jezelf nóg makkelijker.

Kun je iets dat je al weet koppelen aan wat je nieuw moet leren: doe het.

Er vallen veel technieken onder *mnemotechniek*. Een paar bekende methodes (die je misschien al gebruikt) volgen hier.

De plaatsmethode, ook bekend als De methode van Loci of Het geheugenpaleis

Koppel een werkwijze of een onthoudlijst aan een virtuele wandeling door een plek die je goed kent, bijvoorbeeld thuis of op school.

Neem een boodschappenlijst: stel je voor dat je door het huis loopt en de spullen onderweg neerzet. Een stokbrood bij de voordeur, pesto op de salontafel, kaas in de keuken, enzovoort. Als je die wandeling later opnieuw in je hoofd maakt, herinner je de plekken, en met de plekken wat je er neerzette. Hoe gekker de combinatie, hoe makkelijker je het onthoudt (melk op het toilet is blijkbaar makkelijker te onthouden dan melk in de keuken).

Cicero: De OratoreDe methode wordt nu veel gebruikt bij geheugenwedstrijden, maar komt uit de oudheid. Het begrip geheugenpaleis of memory palace gaat terug op Simonides van Keos. Cicero schrijft in De Oratore over Simonides, die was uitgenodigd om een gedicht voor te dragen op een banket ter ere van een zekere Scopas. Na zijn optreden werd hij naar buiten geroepen, en het dak stortte daarna in. De gasten werden verpletterd, maar Simonides kon de onherkenbare lichamen identificeren omdat hij wist waar iedereen zat. Zijn conclusie:

Wie zijn geheugen wil trainen, moet plaatsen kiezen, mentale beelden vormen van de dingen die hij wil onthouden, en die beelden op die plaatsen opslaan, zodat de volgorde van de plaatsen de volgorde van de dingen bewaart, en de beelden van de dingen de dingen zelf aanduiden.

Veel later, in 1491, raadde Peter van Ravenna zijn lezers – en daarmee ook ons – aan om een kerkgebouw te gebruiken dat ze goed kenden.

De taalmethode (natuurlijke taal als drager)

Een acroniem voor de kleuren van de regenboog (ROGGBIV), een versje voor het alfabet, een gekke zin voor de volgorde van de planeten of de gitaarsnaren (E-A-D-G-B-E: *Een Aap Die Geen Bananen Eet*): je kent waarschijnlijk meer kinderliedjes dan je dacht. Het principe is bewezen, maar zelf iets bedenken dat werkt is niet altijd makkelijk. Vaak is het eenvoudigst om de ezelsbruggetjes te gebruiken die anderen al voor je hebben bedacht.

Muziek

Gebruik ritme en muziek en maak een vers of een lied van wat je wilt onthouden.
Een manier om lange teksten te onthouden is ze op muziek te zetten. Veel mensen die delen van, of de hele Tenach uit hun hoofd kennen, zingen de tekst: de zogeheten cantillatie. Denk je terug aan de basisschool, dan komt het alfabet-liedje vast bovendrijven.
Maar even oppassen: het liedje is niet het doel. Sommige mensen leerden de tafels van vermenigvuldiging zingend, en kunnen 7 × 9 nu niet beantwoorden zonder het liedje af te draaien.

Tactiel: de tastzin

Merk je dat doen en aanraken een situatie voor jou echtere maakt, dan kunnen beweging en fysieke indrukken je helpen om dingen beter te onthouden.
Een voorbeeld: pincodes. Je onthoudt de pincode van je telefoon of bankpas misschien niet als een reeks cijfers, maar als een beweging.